Onderzoek met afval: nuttig hergebruik

Onderzoek met afval: nuttig hergebruik

Enige tijd geleden heb ik een blog geschreven over dierproeven. Waarom die nog steeds uitgevoerd worden en nodig zijn. Maar ik schreef ook dat er wel verandering in de lucht zit. Om te testen of mogelijke medicijnen wel werken en veilig zijn, wordt – tot nu toe – gebruik gemaakt van proefdieren. Maar het is en wordt steeds duidelijker dat het gebruik van proefdieren hiervoor eigenlijk helemaal niet bruikbaar is. Mensen zijn nou eenmaal geen muizen. Er wordt dus hard gezocht naar alternatieven voor het testen op dieren, naar veel betere meetmethodes dan die we nu gebruiken. Afval Eén van die alternatieven is het gebruik van ‘afval’. Afval? Ja, zo heet het, en zo wordt het ook behandeld. Het lichaamsmateriaal dat overblijft na een operatie. Of na een bloedafname. Of na weefselafname (biopt). Heb je een blindedarmontsteking? Dan wordt bij een operatie je blindedarm weggehaald. Waar blijft die eigenlijk daarna? Nou, die wordt ‘gewoon’ weggegooid. Weliswaar wordt dat allemaal heel zorgvuldig en volgens allerlei regeltjes en protocollen gedaan, maar toch. Er wordt jaarlijks in ieder ziekenhuis heel veel lichaamsmateriaal weggegooid, vernietigd. En weggooien is zonde, dat weten we allemaal. Marktplaats Daarom bedacht een aantal slimme mensen dat het best handig zou zijn om een soort ‘marktplaats’ voor vers, levend, overgebleven lichaamsmateriaal in het leven te roepen. Want er bestaan wel weefselbanken, maar daar zitten dode cellen en weefsels in. Ingevroren, of op een andere manier geconserveerd. Levende cellen, die een onderzoeker goed kan gebruiken, zijn beperkt houdbaar en kunnen niet worden opgeslagen in zo’n weefselbank. Wat je als reumaonderzoeker graag wilt hebben, is bijvoorbeeld gezond, vers, menselijk kraakbeen. Hoe...
Mannen en vrouwen zijn gelijk, toch?

Mannen en vrouwen zijn gelijk, toch?

De dokterswereld is lang een mannenbolwerk geweest. Vrouwen waren prima als verpleegster, maar een vrouw als dokter? Dat kon niet. Sinds Aletta Jacobs is dat gelukkig veranderd. Maar wat al die jaren nauwelijks veranderd is: er wordt ook geen geneesmiddelenonderzoek met vrouwen gedaan. Bij vrijwel alle aandoeningen wordt onderzoek naar medicijnen alleen bij mannen gedaan. Want ja, vrouwen zijn kwetsbaar, die moet je beschermen. Stel dat ze zwanger worden, en oh, het is eigenlijk sowieso wel lastig dat ze hormonen hebben, die gedurende de maand schommelen in waarde. Maar vrouwen verschillen in meer dingen van mannen dan alleen die hormonen. Ook hun vetpercentage en vetverdeling is anders, en gemiddeld genomen zijn vrouwen kleiner en lichter. En vrouwen hebben ook vaak andere klachten en symptomen dan mannen, bij dezelfde diagnose. Toch krijgen alle vrouwen in Nederland medicijnen die op mannen zijn onderzocht, en in doseringen die bij mannen zijn bepaald. Geen wonder dat vrouwen vaak meer last van bijwerkingen hebben. Gelukkig is medisch en wetenschappelijk Nederland wakker geworden. En op 8 maart, op wereldvrouwendag, wordt ook aan de verschillen tussen mannen en vrouwen bij ziekten en medicijngebruik aandacht gegeven. De komende jaren zal er extra aandacht (en geld) gegeven worden aan reuma-onderzoek dat die verschillen duidelijk in kaart brengt, waardoor andere doseringen en mogelijk zelfs andere medicijnen worden ontwikkeld voor vrouwen. Want mannen en vrouwen zijn niet gelijk! Wel gelijkwaardig, maar dat is een heel ander verhaal. Ik ben Ingrid Lether, Manager Research en Innovatie van het...
Zonder proefdieren, zou dat kunnen?

Zonder proefdieren, zou dat kunnen?

Proefdieronderzoek is aan strikte regels en vergunningen gebonden, maar vervangende technieken net zo goed. Dat maakt dat het daadwerkelijk gebruiken van vervangende technieken zo makkelijk nog niet is. Bovendien duurt het soms lang voordat overheden en autoriteiten ervan overtuigd zijn dat een vervangende techniek even goed  is als een proefdier.  Dat kan en moet anders. Maandag 13 februari was ik bij de kick off van het nieuwe Projectbureau Proefdiervrije Innovaties. Dit projectbureau wordt de aanjager om sneller en meer alternatieve technieken te ontwikkelen én goedgekeurd te krijgen. Zoals het nu gaat, wordt er nu gewerkt volgens de drie V’s: Vervangen:  het gebruik van cellen of weefselkweek, maar ook het gebruik van slachtafval of computersimulaties. Voor onderwijs wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van modellen van kunststof, maar ook van gedoneerde overleden huisdieren. Verminderen: Veel onderzoek kan met minder dieren worden gedaan en soms kan hetzelfde dier voor meer onderzoeken gebruikt worden. Verfijnen: leefomstandigheden van proefdieren zijn verbeterd en veel onderzoek is minder belastend geworden. We denken dat als we onderzoekers en bedrijven die nu met proefdieren en/of alternatieven werken zelf ideeën laten opperen over hoe deze werkwijze uitgebreid en versneld kan worden, er ook een breed draagvlak zal ontstaan én een nog innovatievere kijk op ‘hoe kunnen we het anders en vooral beter aanpakken?’. Daarbij staat centraal: ‘stel dat vanaf 2025 proefdieren in Europa verboden zouden zijn, hoe kunnen we in Nederland en Europa dan nog steeds baanbrekend onderzoek doen?’. Want we moeten ook reëel zijn:  proefdieren verbieden in de hele wereld op hetzelfde tijdstip, dat gaat niet gebeuren. Proefdieren alleen in Nederland verbieden, is net zo onrealistisch. Daarmee zet je...
Beter meten

Beter meten

In mijn vorige blog eindigde ik met: waarom wordt er dan nog steeds proefdieronderzoek gedaan? De wet Eén reden is dat om een (mogelijk) geneesmiddel te mogen gebruiken bij mensen, het verplicht is om zo’n middel eerst te testen op dieren. Die verplichting is bij wet vastgelegd. Geneesmiddelen worden in Europa beoordeeld op bewijs voor veiligheid en werkzaamheid door de EMA (European Medicines Agency). Die veiligheid wordt eerst op proefdieren getest en pas later ook op mensen. De fabrikant van een nieuw geneesmiddel voert deze testen uit en dient uiteindelijk een heel dossier bij de EMA in waarin al dat bewijs is gebundeld. Redenen voor proefdieronderzoek Een andere reden is dat er ook geneesmiddelen voor dieren worden ontwikkeld, en ook onderzoek naar dierziekten wordt gedaan. Dat onderzoek kan soms ook weer nuttig voor de mens zijn. Denk maar aan Q-koorts en de vogelgriep, waar ook mensen aan kunnen overlijden. Tenslotte wordt er ook nog een ander soort onderzoek gedaan met proefdieren, dat beter te vertalen is naar de mens. Als je wilt weten wat de rol van een bepaald gen is, is de simpelste manier om daar achter te komen om dat gen ‘uit te schakelen’ in een proefdier. Zo kun je er achter komen welke genen (of de eiwitten die zo’n gen maakt) een rol spelen bij bijvoorbeeld chronische ontsteking. Op deze manier is gevonden dat het eiwit TNF zo’n belangrijke sleutelrol speelt bij reumatoïde artritis. Van daaruit is de anti-TNF behandeling ontwikkeld. Dit soort proefdieronderzoek financiert het Reumafonds ook wel. Alternatieven voor proefdieronderzoek De beperkingen van onderzoek met dieren worden echter steeds duidelijker en de ontwikkelingen op het...
Een heet hangijzer

Een heet hangijzer

Bij fundamenteel onderzoek worden – nog steeds – proefdieren gebruikt. Dat is gelukkig aan strenge regels gebonden, maar het blijft onderzoek met dieren. Veel mensen hebben daar bezwaren tegen, óók onderzoekers. Niet alleen omdat de onderzoekers die met dieren mogen werken dierenliefhebbers moeten zijn (ja, daar worden ze op geselecteerd!), omdat de hoeveelheid papierwerk die zij moeten invullen voor de Dierexperimentencommissie ontzettend veel werk is, vanwege het ‘verhoor’ dat de onderzoeker krijgt door diezelfde Dierexperimentencommissie, omdat proefdieronderzoek ontzettend duur is, Beperkte waarde Maar vooral omdat het steeds duidelijker wordt dat dierproeven vaak maar een heel beperkte waarde hebben. Wat je in een muis ziet gebeuren gebeurt niet altijd op dezelfde manier in een mens . Dat betekent voor geneesmiddelenonderzoek dat een mogelijk medicijn dat werkt bij een laboratoriummuis, in veel gevallen totaal niet blijkt te werken bij de mens. Soms komen dit soort onderzoeksresultaten met grote koppen in de krant: “nieuw medicijn ontdekt” – met in de kleine lettertjes: bij muizen… Die muizen staan vaak niet eens genoemd in de krant, want ja, proefdieren zijn een heet hangijzer. En wordt op die manier hoop gewekt die onterecht is. Missen we de boot? Omgekeerd zou het ook wel eens zo kunnen zijn dat mogelijke geneesmiddelen niet verder ontwikkeld worden omdat ze geen effect op een proefdier bleken te hebben. We missen daarmee waarschijnlijk regelmatig de boot. Waarom wordt er dan nog steeds proefdieronderzoek gedaan? Dat lees je in het volgende blog.   Ik ben Ingrid Lether, Manager Research en Innovatie van het...

Pin It on Pinterest